margraten.jpg 

Vorige week bezocht ik Margraten, een dorp van nog geen vierduizend inwoners op een wijds plateau in het Limburgse heuvellandschap. Het maakt deel uit van de gemeente Eijsden-Margraten. Voor veel mensen in binnen- en buitenland is de naam bekend als Netherlands American Cemetery and Memorial. Hier liggen de stoffelijke resten van 8302 Amerikaanse militairen die omgekomen zijn bij de bevrijding van West Europa. Bekend is het beeld van een enorm grasveld met rijen witte marmeren kruizen in concentrische bogen.

Je bereikt de begraafplaats via een lange oprijlaan die uitkomt bij het bezoekerscentrum en het Ereplein met spiegelvijver en muur waarin de namen van 1722 vermisten zijn gebeiteld. De spiegelvijver eindigt voor het standbeeld van de ‘Treurende Vrouw’. De dertig meter hoge Gedenktoren met carillon markeert het begin van het Ereveld dat keurig wordt onderhouden door medewerkers van de American Battle Monuments Commission, dat tien van deze begraafplaatsen beheert.

De begraafplaats is in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog min of meer bij toeval ontstaan. Na de invasie in Normandië, juni 1944, hoopten de geallieerde troepen snel door te stoten naar Noord Frankrijk, België en Nederland. In de herfst bereikte het Amerikaanse leger het zuidelijkste puntje van Nederland. Maastricht werd op 14 september bevrijd, ruim een half jaar eerder dan het noordelijke deel van Nederland. Dat de geallieerde opmars zo langzaam ging, kwam door het onverwacht hevige verzet van Duitse eenheden aan de Nederlandse en Belgische grens, de zogeheten Westwall. Hierdoor mislukte de operatie Market Garden waarbij Nijmegen en Arnhem veroverd hadden moeten worden en liepen de geallieerde troepen in het Duitse Ardennenoffensief vast. Bij deze acties kwamen duizenden militairen om. Omdat de Amerikaanse regering haar omgekomen militairen niet op vijandelijke grond wilde begraven klopte kapitein Shomon bij het pas bevrijde Margraten aan met het verzoek om medewerking. Hij kreeg bijna dertig hectare akker toegewezen. De eerste aanleg vond plaats onder omstandigheden die bijna niet meer voor te stellen zijn. Op het moment van toewijzing in oktober 1944 stond de oogst nog op het land.

Op 11 november 1944 vond de eerste begrafenis plaats en daarna volgde een onvoorstelbare dagelijkse aanvoer van gesneuvelden. Het regende die herfst veel waardoor de toch al zware lössgrond in een brij veranderde en de plaatselijke bevolking ingeschakeld moest worden om het werk te klaren, volkomen onvoorbereid op deze taak. Begin 1946 lagen er in Margraten 17.742 Amerikanen begraven, 3075 Duitsers en 1026 overige militairen onder wie veel Russen, allen in voorlopige graven.

Margraten werd aangewezen als permanente begraafplaats voor Amerikaanse militairen. Nabestaanden kregen de mogelijkheid om de stoffelijke resten van hun dierbaren te laten repatriëren. Meer dan de helft maakte van deze mogelijkheid gebruik. De lichamen van Duitse militairen werden overgebracht naar een speciale begraafplaats in Ysselsteyn (met 31.585 graven de grootste militaire begraafplaats in Nederland), de Russen naar Amersfoort.

In 1949 werd de grond overgedragen aan de Verenigde Staten en vanaf toen kreeg Margraten de vorm die het nu heeft. De in linnen zakken begraven resten van de gesneuvelden werden in stalen kisten herbegraven; de houten kruizen werden vervangen door wit marmer en niet geïdentificeerde resten werden zoveel mogelijk geïdentificeerd. In 1960 volgde de officiële inwijding plaats door koningin Juliana.

Jaarlijks worden 150.000 bezoekers ontvangen. Dit is goed te zien aan de vele verse bloemen die bij de kruizen zijn achtergelaten. Elk jaar in september vindt het Margraten Memonial Concert plaats, een uitvoering van een requiem door het Limburgs Symfonie Orkest een requiem

Bijna zeventig jaar na de bevrijding is deze begraafplaats de plek in Nederland waar de herinnering aan de inspanningen en offers van de bevrijders in de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog voor de komende generaties voelbaar bewaard gehouden wordt.