hilversum

Hilversum heeft een van de bijzonderste gemeentehuizen van Nederland. Het vrijstaande lichtgele gebouw met zijn 48 meter hoge toren heeft de sierlijkheid van een paleis, terwijl de ornamenten die normaal dit effect opwekken ontbreken. De lange dunne bakstenen met smalle opstaande en brede liggende voegen geven een extra accent aan de horizontale lijnen van het gebouw. De stijl valt onder het Nieuwe Bouwen dat zich onder andere kenmerkt door een functionalistisch ontwerp.

Bij het bakproces van de lichtgele stenen die architect Willem Marinus Dudok (1884-1974) speciaal voor dit gemeentehuis ontworpen had, was echter iets verkeerd gegaan. Hierdoor waren ze poreus geworden en afgebrokkeld door de vorst. Begin jaren tachtig toonde het raadhuis sporen van ernstig verval. Er was een restauratie van zes jaar en 32.000.000 gulden nodig om alle oude stenen door nieuwe te vervangen. Doordat het gebouw in 1983 een rijksmonument was geworden kon dit geld worden vrijgemaakt.

De eerste plannen voor de bouw van een nieuw gemeentehuis dat het Oude Raadhuis waarin tegenwoordig het Museum Hiversum is gevestigd moest vervangen, stammen al uit 1903. In die tijd ontwikkelde Hilversum zich van een slapend dorp tot een bedrijvige gemeente. In 1915 werd Dudok directeur gemeentewerken van Hilversum om daar tot zijn dood te blijven. Hij had toen al een carrière in het leger en bij de gemeente Leiden achter de rug. Na zijn aantreden legde Dudok de plannen van zijn voorganger naast zich neer om aan iets totaal nieuws te beginnen. Jarenlang was onzeker waar de nieuwbouw moest komen. Toen de gemeente in 1923 de villawijk In den Ouden Engh het landgoed Den Witten Hull kocht, werd deze locatie buiten het centrum van Hilversum aangewezen. Dudok was meteen enthousiast om vanuit zijn theosofische opvattingen een gebouw te ontwerpen in harmonie met het omliggende parklandschap.

Het raadhuis dat in 1931 voltooid was, werd het hoogtepunt van Dudoks oeuvre. Alle ruimten zijn licht en ordelijk. Vooral de burgerzaal is een wonder van vormgeving. Deze ruimte bestaat uit een zaal en een gang, gescheiden door goudkleurig betegelde pilaren die van opzij door kleine vensters belicht worden. Voor de wanden gebruikte Dudok vaak grote platen wit marmer die zo gezaagd zijn dat de aderen precies op elkaar aansluiten.

Dudok wilde het liefst de volledige zeggenschap houden over alles wat met het interieur te maken had. Bij de Nieuwe Zakelijkheid hoorden geen versieringen of ornamenten. Zo komt het dat er bijvoorbeeld in de raadzaal, burgerzaal en trouwzaal geen statieportretten van de koning te vinden zijn. Veel elementen van de inrichting, zoals meubels, lampen, klokken en tapijtenmotieven heeft Dudok zelf ontworpen. Degenen die iets wilden schenken voor in of aan het gebouw moesten zich tot persoonlijk Dudok wenden voor een ‘advies’.

Het carillon in de toren is pas later aangebracht. Aanvankelijk zou het bij elkaar gespaard worden met entreegelden, maar toen door de crisis het gemeentegeld in 1937 op was, werd dit potje voor iets anders gebruikt. In 1958 kwam het carillon er alsnog. Veel Nederlandse radioluisteraars zijn met de klanken ervan vertrouwd. Dit carillon werd gebruikt om de herkenningsmelodieën van Hilversum 1 en de Wereldomroep op te nemen.

Toen ik een rondleiding door het gebouw volgde, bleef de toren gesloten wegens gladheid. Maar ook het uitzicht vanaf het balkon over de vijver die bij het raadhuis hoort, was de moeite waard.

Op de benedenverdieping is het Dudok Architectuur Centrum gevestigd. Hier is te zien hoe veelzijdig Dudok was. In Rotterdam is de naam van Dudok bekend van een verzekeringskantoor van zijn hand waarin tegenwoordig het bekende Grand Café zit dat zijn naam draagt. Imposant was het Rotterdamse Bijenkorf warenhuis uit 1930 dat helaas alleen nog op foto’s te zien is. Bij het bombardement in 1940 werd het dusdanig beschadigd dat het niet meer te redden viel.

In Hilversum heeft hij vele sporen achtergelaten onder andere in scholen, volkswoningen, transformatorhuisjes, twee begraafplaatsen, een sportcomplex en een bibliotheek. Vanaf het raadhuis start de Dudokroute van acht kilometer die met bordjes is aangegeven.