wielewaal.bmp 

Afgelopen weken mocht ik oppassen op een monumentale stolpboerderij middenin een polder bij Wognum, in de kop van Noord-Holland.  Het was de ideale plek om in alle rust uren per dag te kunnen schrijven. Daarnaast werd mijn dagindeling bepaald door de aanwezigheid van twee poezen die weigerden ook maar één stap buiten de deur te doen en zeven vrije uitloop kippen die bij licht losgelaten en bij donker opgesloten moesten worden in hun vosbestendige hok. Verder ging er onverwacht veel tijd zitten in het warm houden van mezelf met behulp van een houtgestookt kacheltje. Voortaan weet ik dat daar nogal wat meer voor komt kijken dan voor het brandend houden van een romantisch kampvuurtje onder een zomerse sterrenhemel.

Op de boekenplank trof ik alle delen van de plaatjesboeken van Verkade die vanaf begin vorige eeuw werden uitgegeven. De Zaanse broers Ericus, Anton en Arnold Verkade hadden in 1903 min of meer toevallig een grote voorraad plaatjes bemachtigd afkomstig uit Duitsland met afbeeldingen van uiteenlopende onderwerpen als sprookjes, militaire rangen, vogels en bloemen. Zij besloten om deze plaatjes mee te verpakken bij hun ontbijtkoek, beschuit en waxinelichtjes en lieten een album drukken met sneetjes waar de plaatjes ingeschoven konden worden. Dit werd zo’n succes dat de voorraad plaatjes snel op was en er iets nieuws verzonnen moest worden.

Het was de tijd dat Nederland aandacht kreeg voor de natuur en bij de pioniers op dit gebied de opvatting groeide dat  natuurbescherming alleen kans van slagen had als het grote publiek liefde voor de natuur kreeg bijgebracht. Eli Heimans en Jac. P. Thijsse zorgden ervoor dat ‘natuurkunde’ een eigen plek kreeg in het onderwijs. Aan de lopende band ontwikkelden zij lesmateriaal en bundelden dat in een tijdschrift De levende natuur.

In 1905 benaderden de gebroeders Verkade de makers van het tijdschrift met het verzoek om teksten en plaatjes te leveren voor albums die de natuur tot onderwerp hadden. En zo verscheen in 1906 het eerste natuuralbum, Lente genaamd. De plaatjes (vanaf nu plakplaatjes in plaats van insteekplaatjes) die door een team van illustratoren werden gemaakt, ogen krachtig en opgewekt. De teksten van Thijsse getuigen van enthousiasme en een scherp waarnemingsvermogen. De natuurbeschrijvingen op zichzelf zijn vaak nogal droge kost die door nieuwere opvattingen over leermiddelen allang afgeschreven zijn. Vanuit zijn schrijversinstinct voelt Thijsse echter precies aan wanneer de aandacht van de lezer dreigt te verslappen. Telkens haalt hij zijn lezer ‘erbij’ met persoonlijke herinneringen en belevenissen. Zo kunnen we ons verplaatsen in de wereld van de jonge onderwijzer uit Amsterdam die zijn eerste echte baan krijgt op Texel en verliefd wordt op de natuur van het eiland. In zijn sfeerbeschrijvingen doet  Thijsse me denken aan zijn tijdgenoot Nescio. Bladerend door de albums ging mijn aandacht vooral uit naar de plaatjes van landschappen en vergezichten die allang verdwenen zijn. Maar van de grote bonte specht die zich elke middag voor mijn raam meldde, klopte elk veertje nog met de afbeelding.

Het mooiste vogeltje uit de albums kende ik tot nu toe alleen van een liedje. Dankzij de Verkade albums weet ik dat het felgeel is: de wielewaal. Ik hoop de echte nog eens te zien te krijgen.