schelp
Vaak zit je tijdens een lange vergadering met pen je aantekeningen te versieren met streepjes, krullen of repeterende figuurtjes. Waarom doen mensen dit? Hoe diep dit wellicht in ons systeem verankerd zit, bleek afgelopen week toen bekend gemaakt werd dat er op een fossiele schelp uit Java krassen waren gevonden die daar een half miljoen jaar geleden door de hand van een mens (homo erectus) waren aangebracht. Onderzoekers kunnen geen uitsluitsel geven of de krassen betekenis hebben of dat ze slechts decoratie zijn. Op foto’s van de schelp zie je een duidelijke zigzag-kras. Het patroon volgt een richting die een heel andere kant op gaat dan de natuurlijke lijnen van de schelp. Dit versterkt de suggestie dat ze er in een achteloze gemoedsstemming op zijn aangebracht. In het patroon is ook de basisvorm van onze schrijfletters V, W en M te herkennen. Je kunt er het startpunt in zien van de evolutie van het schrijven zoals we dat dus minstens al tweehonderd en vijftig keer langer dan onze jaartelling doen.
Is daar nu een einde aan gekomen? In de hausse van iPad-scholen en Steve Jobs-scholen laait de discussie op over het nut van schrijven met de hand. Ik ben van mening dat het belangrijk is om serieus aandacht aan deze vaardigheid te blijven besteden. Maar tegelijk is er ook wel iets aan het veranderen. Al heel jong zijn we omringd door ‘schrijfhulpmiddelen’ die pen en papier qua snelheid en gemak verre overtreffen. Communicatiemiddelen als email, Twitter en Facebook zijn een vast onderdeel van het dagelijks leven geworden, dus ook het toetsenbord.
Maar als ik in de trein, het vliegtuig of het café om me heen kijk, valt me op hoe weinig mensen hun toetsenbord met tien vingers bedienen zoals het eigenlijk hoort. Nu het toetsenbord de rol van pen en papier overneemt, is het dan ook niet logisch dat het onderwijs er werk van maakt om kinderen goed voor te bereiden op een toekomst waarin het toetsenbord zo belangrijk zal zijn?
Eerder lijkt er sprake van een omgekeerde ontwikkeling te zijn. Begin jaren zeventig was het gebruikelijk dat je op de middelbare school lessen kon volgen waarin je ‘blind met tien vingers’ leerde typen. Het verschil tussen toen en nu is dat je als kind nauwelijks of niet met een typemachine in aanraking kwam. Door niet te typen, leerde je ook niet fout te typen tot je twaalfde jaar.
Typen had ik pas nodig na de middelbare school, toen ik mijn eerste scripties moest inleveren. Het ‘blind met tien vingers’ typen was bij mij zover weggezakt en de verleiding op de loer lag om voortaan met vier vingers te volstaan. En nu ik zoveel met de computer doe, heb ik er dagelijks profijt van dat ik daar toen niet aan toegegeven heb.
Voor een kind in deze tijd moet het nog veel meer op kunnen leveren als het voor de rest van zijn leven in het spoor van blind typen met tien vingers wordt gezet. Op internet zag ik dat er typecursussen worden aangeboden voor kinderen vanaf 8 jaar. Cursussen die opgebouwd zijn rond een spannend verhaal of een mysterieuze zoektocht. De enige voorwaarde voor een kind om eraan te kunnen beginnen is dat het moet kunnen lezen.
De cursussen worden zowel voor individueel gebruik als voor werken in schoolverband aangeboden. Ook in het laatste geval zal steun en toezicht van de ouders nodig zijn. Wat als je er als ouder zelf nooit aan toegekomen bent om goed te leren typen? Op internet wemelt het van gratis typelessen en testjes om je typesnelheid te meten. Wat let je om de uitdaging samen met je kind aan te gaan?