reddingboot.jpg 

Een enorme verscheidenheid aan vrijwilligersorganisaties is een opvallend kenmerk van de Nederlandse samenleving. Onder die organisaties nemen de reddingmaatschappijen een bijzondere plaats in. Langs de Nederlandse kust worden door 600 vrijwilligers 39 reddingstations bemand van waar in totaal 60 reddingboten klaar liggen om uit te varen om mensen in nood op zee te redden.

De geschiedenis van het reddingwezen is een bijzonder verhaal. In het begin van de negentiende eeuw werden de reddingmaatschappijen NZHRM en ZHMRS opgericht, particuliere instellingen die onafhankelijk van politiek en ambtenarij hun reddingoperaties wilden opzetten. Pas veel later kregen zij het predikaat ‘koninklijk’.

Lange tijd voer men uit met roeiboten die achter de duinen in loodsen lagen opgeslagen. Als ze in actie moesten komen werden ze door boerenpaarden naar zee getrokken. Soms moest er urenlang tegen hoge golven opgebokst worden om de plek van het onheil te bereiken, een uitputtende bezigheid die ook redders wel eens met hun leven moesten bekopen. 

Later maakten de roeireddingboten plaats voor stoomreddingboten en tegenwoordig wordt er gebruik gemaakt van geavanceerde motorboten die niet kunnen zinken en bij omslaan uit zichzelf overeind komen. Ook de aard van de reddingen is in de loop van de tijd veranderd. Waren dat vroeger vooral bemanningsleden van koopvaardijschepen; tegenwoordig zijn het vooral watersporters voor wie de reddingboten moeten uitvaren.

Het Nationaal Reddingmuseum Dorus Rijkers in Den Helder laat alles zien wat met het redden van mensen te maken heeft. Uiteraard is er veel aandacht voor legendarische helden die het reddingwezen heeft voortgebracht, van wie Dorus Rijkers de bekendste is.

Met diverse educatieve programma’s is het museum ook zeer geschikt voor een uitstapje met Nt2 cursisten. Het onderwerp is heel concreet en elke bezoeker kan van alles zien en beleven, ook zonder ‘talige’ informatie. Zo staat er op de bovenverdieping een windtunnel opgesteld die de windkrachten tot 10 op de schaal van Beaufort kunt opwekt. Of je kunt de deining en mist ervaren die redders bij hun operaties meemaken.

Maar vooral zullen de cursisten kennismaken met een stukje schijnbaar oerhollandse cultuur, die echter niet zover terug gaat als de meesten zullen denken. Want vóór het ontstaan van de reddingmaatschappijen ging het er heel anders aan toe. Tot die tijd was het gebruik dat ladingen van gezonken schepen aan de vinders toekwamen. Dit recht gold alleen als er géén overlevenden waren. Volgens overlevering schroomden de kustbewoners toen niet om voor eigen gewin het noodlot van de schipbreukelingen een handje te helpen. Zelfs werden schepen misleid door verkeerde signalen vanaf de kust om ze doelbewust aan de grond te laten lopen.