le-havre.jpg 

De film Le Havre van de Finse regisseur en producent Aki Kaurismäki trok het afgelopen jaar veel aandacht op diverse filmfestivals. In Cannes won hij de FRIPRESCI-prijs van de internationale filmkritiek. Ook onlangs in Rotterdam was Le Havre een van de grote publiekstrekkers, al is op de fora te lezen dat het interview na de Nederlandse première een nogal chaotisch en onbevredigend verloop had, omdat de Finse maker er niet helemaal helder verscheen.

Sprekend voor mezelf waren het de indringende beelden uit de trailer die me zeiden dat dit een film was die ik moest gaan zien. In deze voorbeschouwing zie je hoe douanebeambten van Le Havre een zeecontainer openmaken en een groep Afrikaanse vluchtelingen aantreffen. In close-up kijken ze je een voor een aan met berustende blik. Een jongetje rent weg. In een volgende scène staat hij tot zijn middel in het water, en vraagt aan een oudere man of hij in Londen is.

De film verbindt twee schrijnende problemen: armoede en het verblijf van illegale vluchtelingen. Twee zaken waar Kaurismäki naar eigen zeggen ook geen oplossing voor weet, maar waar hij wel een ‘onrealistische film’ over kon maken. Hierin is hij grandioos geslaagd. Met een enkele mobiele telefoon en telkens terugkerende eurobiljetten weet je dat het verhaal in deze tijd speelt maar verder waan je je pakweg vijftig, zestig jaar terug.

De oudere man uit de trailer is de schoenpoetser Marcel Marx die met zijn vrouw Arletty (gespeeld door de Finse actrice Kati Outinen) een armzalig houten huisje bewoont in een wijk waar iedereen in zulke huisjes woont en waar de saamhorigheid onder de bewoners groot is. De charme is dat iedereen die in beeld komt, elkaar beoordeelt op goed of slecht, zoals dat nu eenmaal gaat in een sprookje. De gemeenschap ontfermt zich over de voortvluchtig jongen, afkomstig uit Gabon. Idrissa is een jongen van weinig woorden met een grote innerlijke beschaving. Als hij iets zegt, doet hij dat in uitstekend Frans. Een grappig intermezzo is een benefietconcert van de band ‘Little Bob’, een plaatselijke rocklegende in Le Havre die gewoon zichzelf speelt.

Zo’n film hoort natuurlijk goed af te lopen, al weet je het nooit zeker, te meer omdat er twee verhaallijnen tot een goed einde gebracht moeten worden. Niet alleen de overtocht van Idrissa naar Engeland, maar ook de kritische gezondheidstoestand van Arletty. Le Havre is een film die je bij blijft door de knappe combinatie van realistische beelden op basis van een nogal ‘onwerkelijk’ script.