boeing

Deze week precies vijfennegentig jaar geleden werd de N.V. Koninklijke Luchtvaart Maatschappij voor Nederland en Koloniën opgericht. Van alle luchtvaartmaatschappijen in de wereld is de KLM de maatschappij die het langst onder haar oorspronkelijke naam opereert. De grondlegger was Albert Plesman (1889-1953) die bij de oprichting in 1919 eerst de functie administrateur kreeg en pas later officieel tot president-directeur werd benoemd.
Plesman kwam uit een eenvoudig gezin. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam hij als gemobiliseerd militair min of meer toevallig met de luchtvaart in aanraking nadat hij aanvankelijk bij een regiment Wielrijders was ingedeeld. In Soesterberg kreeg hij de kans om zijn militaire vliegbrevet te halen. Vliegtuigen waren in die periode vooral een militaire aangelegenheid.
Plesmans interesse lag echter bij de burgerluchtvaart en als een van de eersten zag hij de mogelijkheden daarvan. Hij zette een lobby op bij de toenmalige captains of industry met als resultaat de Eerste Luchtverkeer Tentoonstelling Amsterdam in 1919 waar 800.000 bezoekers op afkwamen. De tentoonstelling leidde direct tot de oprichting van de KLM en de vliegtuigfabriek Fokker. Het eerste jaar vervoerde de KLM 400 passagiers en 20.000 kg vracht. Londen was de belangrijkste bestemming. Er werd gevlogen vanaf het voormalige militaire vliegveld Schiphol, dat oorspronkelijk op een iets andere plaats lag dan de tegenwoordige luchthaven.
Spectaculair waren de eerste intercontinentale vluchten zoals de eerste vlucht naar Batavia in 1924 met het vervoer van post als doel. Passagiers konden er niet mee. De stoelen waren verwijderd om plaats te maken voor brandstoftanks, voldoende om het toestel 10 uur achter elkaar in de lucht te houden. De planning voor de afstand van 16.000 kilometer was 22 dagen. Door veel pech onderweg werden het er 55. Voor de drie bemanningsleden was eeuwige roem weggelegd.
In 1930 kwam er een luchtlijn naar Nederlands-Indië, eerst met één vlucht per veertien dagen, en later een tot drie vluchten per week. De passagiers waren vooral ambtenaren die in Nederlands-Indië werkten. In 1934 voerde de KLM de eerste vlucht op Curaçao uit, wat later een van de lucratiefste lijnen werd.
In de Tweede Wereldoorlog kwam de burgerluchtvaart geheel tot stilstand. Van Schiphol en de vliegtuigen was weinig meer over.
Na de Bevrijding gingen de ontwikkelingen snel. In 1946 kwam er een luchtverbinding met New York tot stand en in 1951 met Australië. Al die tijd werd er met propellervliegtuigen gevlogen. De straalmotor deed pas in 1960 zijn intrede in de burgerluchtvaart. Vanaf toen konden veel grotere en snellere toestellen gebouwd worden. In 1971 zette de KLM de eerste Boeing 747 in, een type vliegtuig dat nog steeds in gebruik is.
Sinds de tachtiger jaren werd het noodzakelijk om samenwerkingsvormen met andere maatschappijen op te zetten om tot een breder pakket bestemmingen te komen voor steeds meer passagiers die zich over de hele aardbol wilden verplaatsen. Dit leidde ertoe dat de KLM in 2004 haar zelfstandigheid moest opgeven en opging in Air France KLM Groep. Desondanks blijft KLM als merk overal zichtbaar en vormt het een mooi visitekaartje voor Nederland. De vijfennegentigste verjaardag wordt dan ook gezien als voorproefje voor het eeuwfeest.