beemster
Een paar weken geleden schreef ik een stukje over Werelderfgoederen in Nederland. Twee daarvan zijn polderlandschappen: Kinderdijk en de Beemster, uniek op het gebied van waterhuishouding en landontwerp. De negentien molens van Kinderdijk zijn als ‘ansicht’ over de hele wereld bekend maar toch kennen relatief weinig Nederlanders de plek waar zij staan. Vanuit de trein of vanaf de snelweg is Kinderdijk-Elshout niet te zien. Je moet een kilometerslange niet al te brede dijk afrijden om in de buurt van de molens te komen.
Wie er toch eens een ‘toevallige blik’ op Kinderdijk wil werpen (maar je moet er wel speciaal op letten) kan de waterbus tussen Rotterdam en Dordrecht nemen. Of wachten tot het hard vriest. Dan liggen de molens (uit 1738 en 1740) centraal in misschien wel het mooiste schaatsgebied van Nederland en kun je er heel dichtbij komen.
De Beemster is voor veel Nederlanders bekender terrein. Met de auto van Amsterdam naar de kop van Noord-Holland, richting Afsluitdijk, rij je er vanzelf doorheen. Deze Beemster ademt een geheel andere sfeer dan een doorsnee polder. Hier geen speelse lijnen van slootjes en weilanden maar een strak geordend geheel van kaarsrechte wegen met statige woningen, brede percelen en lange rijen bomen. De polder is in 1612 drooggelegd aan de hand van een ingenieus plan onder leiding van de befaamde molenmaker en waterbouwkundige Jan Adriaenszoon Leeghwater en gefinancierd door kapitaalkrachtige kooplieden.
In toeristische informatie lees je vaak dat het verkavelingsplan van de Beemster de grondslag zou zijn geweest van het stratenplan van het eiland Manhattan, aangelegd door Hollandse kolonisten die zich daar vanaf 1625 vestigden. Ik besloot op internet eens op zoek te gaan naar meer informatie hierover en zo kwam ik terecht op de website van het Historisch Genootschap Beemster. Op overtuigende wijze wordt aangetoond dat dit weidverbreide stukje toeristische informatie eigenlijk nergens op gebaseerd is. Het indelen van land in bijna vierkanten, komt wel vaker voor en er is ook geen sprake van overeenkomst in de verhoudingen tussen percelen Beemster en Manhattan.
Vreemd voor een poldermonument van wereldfaam is dat de molens waarmee de Beemster is drooggemalen in de loop van de tijd allemaal verdwenen zijn. Soortgelijke molens zijn alleen nog te zien in de naburige Schermer. Als liefhebber van het Hollands landschap zeg ik eerlijk dat de Beemster niet mijn favoriete polder is. Wat ik iedereen wél aan kan raden is een wandeling lángs de Beemster, met name aan de kant van de aangrenzende Eilandspolder bij het dorp De Rijp. Deze zeer drassige, rommelig verkavelde polder vormde ooit de oever van het Beemstermeer. Maar toen dat drooggelegd was, werd deze buitenrand die beduidend hoger ligt, de zone die kopje onder dreigde te gaan bij hoogwater. Na verloop van tijd is dit nieuwe gevaar natuurlijk weer keurig ingedamd. Nu is de Eilandspolder een polder waar het waterpeil kunstmatig hoog gehouden wordt ten behoeve van de vele weidevogels. En zo geeft elke generatie Nederlanders aan ‘waterbeheer’ haar eigen invulling.