kees-de-jongen.jpg

Er zijn van die boeken die in brede kring grote bekendheid genieten door een bepaald fragment. Don Quichotte is het boek van de ridder die tegen windmolens vecht. Dik Trom gaat over een jongen die achterstevoren op een ezel zit.  En Bartje bidt niet voor ‘brune bonen’.

Kees de jongen  is het boek over de zwembadpas. Als je het boek openslaat, kom je die zwembadpas al heel snel tegen. Aardig beschreven, maar het wat oubollige karakter vergrooot de kans dat het boek je al snel gaat tegenstaan. Theo Thijssen draaft behoorlijk door in nogal ongerijmde fantasieën in het hoofd van de hoofdpersoon Kees Bakels. Het meeslepende verhaal waar je op gehoopt had, blijft uit. De keren dat ik Kees de jongen  in handen heb gehad, heb ik het al vrij snel weggelegd.   

Deze week heb ik Kees de jongen van Theo Thijssen toch maar eens helemaal uitgelezen. Ik ben helemaal om in mijn oordeel. Wat een prachtig tijdsdocument van het gewone leven in Nederland aan het einde van de negentiende eeuw. Wat een geluk dat een ooggetuige met het talent van Theo Thijssen die standenmaatschappij zo nauwkeurig heeft opgetekend door de ogen van een argeloze jongen. Kees levert een hopeloos gevecht om later uit de verstikking te komen van het winkeliersmilieu van zijn ouders. Krampachtig probeert hij de codes te kraken van alles wat in zijn ogen kenmerkend is voor de hogere stand: tekenen, postzegels verzamelen, mode, vioolmuziek, schaken, sterrenkunde.
Elke poging van Kees is gedoemd te stranden. Zijn goede inborst wordt wel gewaardeerd maar niemand in zijn omgeving is bij machte hem verder te helpen in zijn ontwikkeling.
Wel doen de mensen om hem heen op allerlei manieren een beroep op Kees. De jongen voelt zich daardoor enorm gestreeld. Elke keer gaat zijn fantasie vervolgens op de loop met ongerijmde verwachtingen en voorstellingen hoe anderen hem met die waardering verder zullen brengen. Elke keer krijgt Kees de deksel op zijn neus. De werkelijkheid is dat het uitzicht op een beter leven verslechtert door de ziekte van zijn vader.  In de beschrijving hoe zijn vader uiteindelijk overlijdt, is Theo Thijssen op zijn sterkst. De moeder van Kees gaat niet mee naar de begrafenis. Zij blijft thuis om broodjes te smeren. Als lezer is het je wel vergund om in de koets mee te rijden naar het kerkhof. In die koets zitten Kees en drie mannen. Een verdrietige opa, de goedige oom Dirk die zijn broer tot het laatst heeft bijgestaan en een onbekende neef die tot dan toe geen enkele rol heeft gespeeld. Die neef is degene die de dienst uitmaakt. Hij weet namelijk hoe alles hoort bij een begrafenis…..

Ik denk dat het verhaal van Kees de jongen alles in zich heeft om nieuwkomers een kijkje te bieden in de maatschappij waaruit de reacties zijn ontstaan zijn die de hedendaagse vrije samenleving kenmerken. Bewegingen en instellingen die de verzuiling en de hiërarchie van maatschappelijke standen doorbroken hebben: de vrouwenemancipatie, de mammoetwet, de CAO’s en de secularisering. Bewegingen en instellingen die wij misschien veel te veel als vanzelfsprekend presenteren in de KNS lessen.   

Een oproep aan de Stichting Leeslicht. Kan Kees de jongen in eenvoudig Nederlands worden uitgegeven?