guusje.jpg 

 

Op 2 juni heeft minister Ter Horst de eerste stap gezet voor het Handvest Verantwoordelijk Burgerschap. De komende maanden probeert de overheid de dialoog met de bevolking aan te gaan over de inhoud van het begrip burgerschap. Daarvoor is een website www.handvestburgerschap.nl in het leven geroepen en tussen nu en oktober worden in het hele land bijeenkomsten belegd. Na afronding zullen de bevindingen in een publicatie worden vastgelegd. Om het voortouw in de discussie te nemen heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zelf een brochure uitgegeven. 

Waarom dit initiatief en wat bedoelt de minister met verantwoordelijk burgerschap?

Wat het eerste betreft: in het regeerakkoord heeft het Kabinet dit handvest al aangekondigd, als leidraad tot een prettiger leefklimaat.

‘Verantwoordelijk’ komt mij voor als het zoveelste nieuwe voorvoegsel in een reeks benoemde burgerschappen: actief, participerend, gedeeld.

De brochure omschrijft verantwoordelijk burgerschap als volgt:

‘We hebben rechten. We houden ons aan de regels en we zorgen voor een zelfstandig bestaan. Dat staat hier niet ter discussie. Daarnaast zijn er ongeschreven regels, opvattingen en gedragingen waarmee we met elkaar de samenleving maken. Deze elementen van verantwoordelijk burgerschap zijn de sleutel tot een vitale samenleving en een gezonde democratie. Burgerschap in die opvatting beperkt zich niet tot gehoorzaamheid of braafheid, maar kent ook elementen van een kritische houding en gezonde tegendraadsheid. Bij het voeren van de discussie over hoe we willen samenleven in Nederland is het versterken van de kwaliteit van onze samenleving uitgangspunt.’

  

Op de website wordt ingezet op vier ‘kernwaarden’: respect; betrokkenheid bij elkaar; gerichtheid op de toekomst; inzet voor de samenleving. Een prominente plaats krijgt een filmpje van Reinildis van Ditzhuyzen, icoon van omgangsvormen en etiquette in Nederland waarop iedereen kan reageren.

In de eerste reacties valt op dat veel mensen de moeite nemen om het begrip respect positief in te vullen. De meesten leggen vervolgens de gedragingen en houding van de overheid langs de maatlat van hun definities. De resultaten vallen uitermate negatief uit. Het lijkt een automatisme te worden om ongebreideld gal te spuwen op bekende bestuurders. Aan de andere kant vind ik de manier waarop de overheid goodwill probeert af te dwingen door campagnes die met weinig fantasie aan spindoctors uitbesteed lijken, weinig uitnodigend en nogal naïef. Het moet de overheid inmiddels toch duidelijk zijn dat deze docerende toon over burgerschap geen andere invloed heeft op de bevolking dan dat bij velen alleen de stekels overeind gaan.