D.G. van Beuningen

Harry van Wijnen: Grootvorst aan de Maas, D.G. van Beuningen 1877-1955

Een boek dat ik toevallig in handen kreeg en dat mooi aansluit op Een nieuwe wereld van Auke van der Woud dat ik laatst besprak. Harry van Wijnen beschrijft de levensgeschiedenis van George van Beuningen, in Rotterdam bekend als ‘DG’.
George van Beuningen werd in Utrecht geboren. Zijn grootvader was dominee. Zijn vader werkte halverwege de 19e eeuw als ingenieur bij de spoorwegen. Tegen de heersende opvatting in bedacht hij dat het handiger was om steenkolen uit Duitsland per spoor naar opslagplaatsen in Nederland te transporteren en niet langer per boot.  Dit idee zou de familie Van Beuningen met hun familiebedrijf de SHV schatrijk maken. 
D.G. van Beuningen bleek over bijzondere talenten te beschikken. Als 20-jarige kreeg hij de opdracht om in Rotterdam een buitenpost van de SHV te stichten. Binnen een tiental jaren overvleugelde hij het Utrechtse moederbedrijf in alle opzichten. D.G. kreeg een scheepswerf in handen, een rederij, een sleepbootbedrijf en hij ontwikkelde voor zichzelf een bunkerinstallatie die het zware sjouwwerk in de haven overbodig maakte. Als enige havenbaron had Van Beuningen een goed oog voor sociale de noden van havenarbeiders, die het hem met hun stakingen overigens niet makkelijk maakten. Uit oprecht gemeenschapsgevoel stak hij veel geld in de bouw van het Feyenoordstadion en het Havenziekenhuis.
Het toppunt van zijn rijkdom en macht viel op een opmerkelijk moment in de geschiedenis: in het dieptepunt van de economische de crisis, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Door die uitzonderlijke ‘timing’ kon hij voor betrekkelijk weinig geld grote kunstschatten kopen voor zichzelf en het museum Boijmans in Rotterdam.
Uiteindelijk vertilde hij zich aan zijn verzamelwoede. Zonder dat hij zijn mededirecteuren daarvan op de hoogte te stellen onttrok hij geld aan het bedrijf voor de aankoop van een Jan van Eyck. Het kostte hem het directeurschap van de SHV. Een valse Vermeer kostte hem anderhalf miljoen gulden. Na de oorlog raakte hij in een merkwaardige juridische strijd met de overheid verwikkeld over de eigendom van tekeningen die hij in 1940 aan het nazi-regime had verkocht.
Onder zijn opvolgers kwam het bedrijf ernstig in conflict met de familie Fentener van Vlissingen. Nog eenmaal werd ‘D.G’ in stelling gebracht, wat eigenlijk te veel was voor zijn brozer wordende gezondheid…..

Een boeiende verhaal voor iedereen die meer van Rotterdam wil begrijpen.